Huurrecht
De huurovereenkomst is een overeenkomst waarbij de verhuurder een zaak of een gedeelte daarvan in gebruik geeft aan een huurder in ruil voor een tegenprestatie (huur). Dit is vastgelegd in artikel 7:201 van het Burgerlijk Wetboek.
Binnen het huurrecht wordt onderscheid gemaakt tussen drie soorten huurovereenkomsten:
- huur van woonruimte, bijvoorbeeld een woning of appartement
- huur van bedrijfsruimte (artikel 7:290 BW), zoals een winkels en horecapanden
- huur van overige bedrijfsruimte (artikel 7:230a BW), zoals kantoren
Dit onderscheid is belangrijk, omdat per type huur verschillende regels en beschermingsniveaus gelden. Met name bij woonruimte en 290-bedrijfsruimte is de wet grotendeels dwingend. Dit betekent dat huurders in veel gevalle sterke wettelijke bescherming genieten. Gedacht kan worden aan regels over de huurprijs, opzegging en huurtermijnen.
Bij overige bedrijfsruimte (zoals kantoren) is deze bescherming beperkter, waardoor contractuele afspraken vaker een grotere rol spelen.
De verplichtingen van verhuurder en huurder
Bij een huurovereenkomst hebben zowel de verhuurder als de huurder belangrijke verplichtingen.
De verhuurder is verplicht om het gehuurde zonder gebreken ter beschikking te stellen aan de huurder. Ontstaat er een gebrek, dan is de verhuurder in beginsel verplicht om het gebrek te herstellen. Alleen als herstel onmogelijk is of onredelijke hoge kosten met zich mee brengt, kan hiervan worden afgeweken.
Wordt een gebrek niet (tijdig) verholpen, dan heeft de huurder verschillende rechten, zoals:
- het zelf (laten) herstellen van het gebrek op kosten van de verhuurder;
- het vorderen van huurprijsvermindering.
Kleine herstellingen, zoals dagelijks onderhoud, komen doorgaans voor rekening van de huurder.
De huurder is op zijn beurt verplicht om:
- de huur tijdig te betalen;
- zich te gedragen als een goed huurder ten aanzien van het gebruik van het gehuurde
Dit betekent onder andere dat de huurder geen overlast mag veroorzaken en zorgvuldig met de gehuurde zaak moet omgaan. Bij ernstige of structurele tekortkomingen - zoals huurachterstand, overlast, en het niet hebben van hoofdverblijf in het gehuurde (sociale huurwoning) - kan de verhuurder via de rechter ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vorderen.
Vragen?
Heeft u te maken met een huurgeschil of wilt u advies over uw rechten en plichten als huurder of verhuurder? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. Wij bieden deskundige en praktische ondersteuning in nagenoeg alle aspecten van het huurrecht.
Wij werken zowel voor woningcorporaties, professionele (ver)huurders, als particuliere verhuurders en huurders.
Onze expertise in huurrecht
Wij adviseren en procederen o.a. over:
- Opstellen en beoordelen van huurovereenkomsten, huurkoopovereenkomsten, huurovereenkomsten met koopoptie
- Opstellen en beoordelen van woonbegeleidingsovereenkomst (combinatie van zorg en huur)
- Opstellen en beoordelen van samenwerkingsovereenkomsten (huur en samenwerking)
- Huurovereenkomst van korte duur
- Huurovereenkomst voor specifieke doelgroepen
- Gebreken en onderhoudsverplichtingen
- Zelf aangebrachte voorzieningen (ZAV's)
- Overlast en huurdersgedrag
- Huurgenot en gebruik van het gehuurde
- Huurprijsvermindering en schadevergoeding
- Goed verhuurderschap en goed huurderschap
- Renovatie en dringende werkzaamheden
- Medehuurderschap ex artikel 7:267 BW (duurzame gemeenschappelijke huishouding)
- Beëindiging van huur wegens dringend eigen gebruik
- Huur van bedrijfsruimte ( artikel 230a en artikel 290)
- Ontbinding van de huurovereenkomst (bijvoorbeeld bij niet betalen van de huurprijs, overlast of illegale activiteiten)
- Ontruiming van woonruimte en bedrijfsruimte
- Tijdelijke verhuur op grond van de Leegstandswet